Nu inzetten op geestelijke gezondheidszorg voor kinderen en jongeren is de beste preventie

Het thema was de laatste dagen prominent in de media aanwezig: ons zorgmodel is aan een grondige reshuffle toe. Te veel besparingen, te veel verspillingen… kopten de kranten. Bij gezondheidszorg wordt dan in eerste instantie aan ziekenhuiszorg gedacht. Maar er is ook nog een ander zwaar onderschat probleem, met name de geestelijke gezondheid. Wereldwijd is er een enorme toename van psychische problemen. In de OESO-landen zijn ze goed voor 7,4% van de gezonde jaren die verloren gaan als gevolg van invaliditeit. Toch gaat in ons land slechts 6% van het zorgbudget naar geestelijke gezondheidszorg (GGZ), ondanks het feit dat ondertussen voldoende werd bewezen dat een goede en tijdige behandeling vruchten afwerpt. Wat de situatie nog schrijnender maakt, is dat binnen de GGZ vooral de kinderen en jongeren de dupe zijn.

Het is in de GGZ niet anders dan bij lichamelijke aandoeningen: problemen die je niet tijdig herkent en behandelt, worden alleen maar erger en groter. We mogen onze kop daarom niet langer in het zand steken. We moeten vandaag investeren in onze kinderen en jongeren, zodat ze kunnen uitgroeien tot gezonde en evenwichtige volwassenen.

De uitdaging is gigantisch. Volgens de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) heeft 20 à 25% van de kinderen en jongeren een geestelijk gezondheidsprobleem. Voor ons land gaat het om 450.000 à 500.000 kinderen die hulp nodig hebben. Niet altijd even ernstig, uiteraard. Vaak volstaat een tussenkomst van het CLB (Centrum voor Leerlingenbegeleiding), de huisarts of een korte begeleiding door een psycholoog. We moeten blijven investeren in deze laagdrempelige en nabije hulpverlening. Het tijdig herkennen van signalen en een correcte reactie – op school, in het gezin, in de jeugdbeweging… – kan veel onheil voorkomen. Daarnaast heeft 5 à 7% – in België: 135.000 kinderen en jongeren – nood aan gespecialiseerde GGZ, met aandacht voor medische, psychologische en sociale aspecten.

Een kind of jongere wordt bij voorkeur niet weggehaald uit zijn gewone leef- en leermilieu. Er is dus vooral nood aan een substantiële uitbreiding van het ambulante aanbod. Vandaag behandelen de multidisciplinaire centra voor geestelijke gezondheidszorg (CGG) in Vlaanderen met in totaal 195 voltijdse hulpverleners jaarlijks meer dan 13.000 kinderen en hun gezinnen. Deze mensen roeien al jaren met de riemen die ze hebben, maar kunnen de toevloed aan zorgvragen niet aan.

In de meest ernstige gevallen of bij een crisis kan een opname in een psychiatrisch ziekenhuis of een psychiatrische afdeling van een algemeen ziekenhuis nodig zijn. Ook hier is de capaciteit vandaag te laag, mee door het ontbreken van voldoende ambulante hulpverlening.

Vaak gaat het in de GGZ voor kinderen en jongeren om complexe situaties. Standaardoplossingen bestaan niet. Samenwerken in netwerken van zorg is de enige weg. Ondanks de beperkte middelen munt de sector vandaag al uit in creativiteit. Ook in de nabije toekomst zullen we die creativiteit nodig hebben om het aanbod nog beter op elkaar af te stemmen. Hiervoor is een helder en samenhangend beleid nodig, zoals dat recent ook in de GGZ voor volwassenen is ontwikkeld. Een eerste aanzet hiervoor is onlangs gegeven met een ‘Gemeenschappelijke verklaring’, ondertekend door alle ministers van Volksgezondheid. Laat ons hier verder volop op inzetten.

Jammer genoeg liggen hiervan maar weinig politici wakker. Het is aan ons om hen wakker te schudden. Wij zijn toe aan een forse inhaalbeweging. De komende regeringen – federaal en Vlaams – moeten hiervan een prioriteit maken. Wat je voor kinderen en jongeren doet, is een investering in de komende generaties. Zelfs puur economisch gezien is het de juiste piste. Elke investering in de zorg voor kinderen en jongeren verdient zich op de lange termijn meer dan terug.

 

Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie en getagged met , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

2 reacties op Nu inzetten op geestelijke gezondheidszorg voor kinderen en jongeren is de beste preventie

  1. Ignace Leus zegt:

    goed om hulpverlening te vragen, maar ook aandacht voor effect van kinderarmoede.
    prof Adriaenssens pleitte reeds een paar jaar geleden om de kinderbijslag voor deze kinderen te verhogen, want hét kind bestaat niet.Niet alle kinderen zijn gelijk, of worden alleszins niet met dezelfde kansen omgeven. Daarom kan men , met eenzelfde budget , niet anders en pleiten voor meer selectiviteit in de steun voor kinderen,

  2. Raf Opstaele zegt:

    Ik bekrachtig volmondig het statement. Maar niet enkel de politiek moet (verder) wakker geschud worden. Ook de sector (geestelijke) gezondheidszorg gericht op meerderjarigen moeten we hiervan (meer) bewust maken. Een recent voorbeeld: op een “beurs” (met standen, brochure en voorstellingen) m.b.t. de minderjarigenzorg GGZ in de regio Deinze-Eeklo-Gent was er veel volk, maar zeer weinig uit de GGZ gericht op volwassenen. Nochtans hebben hun cliënten/patiënten meestal kinderen, is de impact van hun probleem op de kinderen meestal groot, … .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s