Geestelijke gezondheidszorg heeft nood aan moedig beleid

Gisteren in het nieuws: bijna 40% van de Europeanen heeft een geestesziekte. Slechts 1 op 3 krijgt daarvoor een aangepaste behandeling.

Vandaag in de krant: alle Belgen samen slikken elke dag 700.000 pillen tegen depressie. Eén Belg op tien liet zich in 2009 met geneesmiddelen behandelen tegen een depressie.

Nog in het nieuws vandaag: alle Vlaamse universiteiten samen tellen dit jaar nog maar 7 aspirant-psychiaters. De belangstelling voor de studies psychiatrie daalt al jaren. Het tekort aan jeugdpsychiaters alleen al, wordt voor Vlaanderen geschat op 150.

Er is dus werk aan de winkel in de geestelijke gezondheidszorg, en wel op verschillende terreinen. Ik noem er hier maar 3 van de meest dringende:

Ten eerste moet de bevolking meer aangezet worden tot een gezonde levensstijl, ook op geestelijk vlak. De actie ‘Fit in je hoofd’ van de Vlaamse overheid is een mooi voorbeeld. Elk van ons draagt hier zelf een grote verantwoordelijkheid. Net als fysieke gezondheid is geestelijke gezondheid iets waar we zelf aan moeten werken en over waken.

Ten tweede moet het taboe op geestelijke gezondheidsproblemen bestreden worden. Veel mensen wachten nog te lang om hulp te zoeken of vluchten al te gemakkelijk in medicatie als enige oplossing. Als we erin slagen om depressie en andere gezondheidsproblemen beter bespreekbaar te maken, dan pas kunnen we preventief en curatief flinke stappen vooruit zetten.

Het derde punt is van een heel andere orde. Het tekort aan psychiaters komt niet uit de lucht vallen. Zorgnet Vlaanderen waarschuwt er al jaren voor. Er zit iets grondig scheef in de vergoeding en de waardering van de verschillende artsendisciplines. Raf De Rycke, gedelegeerd bestuurder van de Broeders van Liefde, wijst er in het vakblad De Specialisten terecht op dat een psychiater in een Centrum voor Geestelijke Gezondheidszorg (CGG) nauwelijks de helft verdient van wat een psychiater in een ziekenhuis opstrijkt, en dat is nog altijd minder dan de helft van wat chirurgen en cardiologen opstrijken.

Het probleem is al jaren bekend: de inkomensongelijkheid tussen artsen kan niet zonder gevolgen blijven. Want het gaat niet alleen over psychiaters. Er is ook een tekort aan kinderartsen in de ziekenhuizen. En geriaters. En spoedartsen. Allemaal specialismen die (relatief) onderbetaald worden in vergelijking met veel lucratievere en meer comfortabele specialismen als radiologie en klinische biologie. Het wordt hoogtijd dat de federale overheid haar verantwoordelijkheid neemt, ook al zullen dan enkele heilige artsenhuisjes moeten sneuvelen. Maar zoals het nu bergaf gaat in vele disciplines, kan het niet langer. Het probleem is al jaren gekend. De oplossing evenzeer. Nu nog de politieke moed vinden en het gezond verstand laten zegevieren.

Dit bericht werd geplaatst in Geestelijke gezondheidszorg, Management en beleid en getagged met , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s